Odysseelogo2.jpg (1626 bytes)

Rhodos, Kos en Dodekanesos


Hotels in Rhodos

Hotels in Kos

NIEUW
Odyssee on demand
Stel zelf je eigen reisgids samen

Lees meer >


Ródos, Kós en Dodekánisos

'Een voorbeeldige "eilandhop"-gids
‘De nieuwe Odyssee-gids, van huisschrijvers Hendriksen en Platvoet, is een voorbeeldige "eilandhop"-gids, waarin terecht veel aandacht is besteed aan de bus- en bootverbindingen met bijbehorende tarieven.’
Reizen

Tips

Rhodos
Overnachten
Kava d'Oro, Od. Kistiniou 15, tel. 36980. Traditioneel gastverblijf.

Sint Nikolis, Ippodamou 61, tel. 34651, fax 32034, vanaf 35.000 drs. Hotel in middeleeuwse stijl. Appartementen en hotelkamers.

Kárpathos/Póthia
Overnachten
Hotel/pension: Villa Themelina, tegenover museum, tel. 22682, tweepersoonskamer vanaf 8000 drs. Oude villa met lommerrijke tuin, terrassen en zwembad.

[advertenties]



Dodekanesos

KaartDodekanesos.gif (16950 bytes)

De naam `Twaalf Eilanden' is nogal misleidend voor de archipel in het zuidoostelijke deel van de Egeïsche Zee. De vijftien permanent bewoonde eilanden - twaalf kleinere eilanden worden alleen in de zomermaanden bewoond - verschillen niet alleen in omvang en bevolking, maar ook in toeristische ontwikkeling en infrastructuur. Tussen het drukke, wereldse Rhodos en het verre, bijna vergeten Kastellórizo bestaat een wereld van verschil. Dat geldt ook voor het eenzame Kásos aan de zuidelijke rand van de archipel en het `heilige' eiland Pátmos. Vanaf Rhodos en Kos zijn de omliggende eilanden goed per veerboot te bereiken en daar heeft het Griekse eilandleven zich in de luwte van het toerisme nog heeft weten te handhaven. Léros, Nísiros, Tílos, Lipsí: het zijn onbekende namen, maar ze vormen een verrassende vakantiebestemming.

Rhodos
Rhodos is het grootste en drukstbezochte eiland van de Dodekanesos. Jaarlijks wordt het eiland overspoeld door honderdduizenden toeristen. De stad Rhodos en haar directe omgeving hebben zich volledig overgegeven aan het toerisme en zijn omgevormd tot een karakterloze opeenhoping van hotels, appartementencomplexen, restaurants en discotheken. Overdag zijn de stranden overbevolkt en tot diep in de nacht houdt het lawaai van knetterende brommers en discotheken aan. Rhodos lijkt niet direct een paradijs voor rustzoekers, maar wie een voet buiten de platgetreden paden van het massatoerisme zet, ontdekt een ander eiland. Het binnenland is door zijn bergen en bossen een attractief gebied dat uitnodigt tot een langere kennismaking. Rhodos-stad bezit een middeleeuwse binnenstad die uit een subtiele combinatie van militair-christelijke, Turkse, Italiaanse en Griekse culturele elementen bestaat. De opgravingen van de antieke steden Kamíros, Ialíssos en Líndos houden de band met het verleden vast. De johannieters die ruim twee eeuwen het eiland in hun bezit hadden, hebben langs de kusten een netwerk van burchten achtergelaten.
Tot de provincie Rhodos (101.000 inw.) behoren vier kleinere eilanden: Chálki, Sími, Tílos en Kastellórizo. Naar de eerste twee eilanden varen dagelijks excursieboten en draagvleugelboten; de laatste twee worden slechts enkele malen per week door de grote veerboten aangedaan.

Kos
Kos (290 km2, 26.000 inw.) is na Rhodos en Kárpathos het derde eiland in grootte van de Dodekanesos. De kustlijn heeft een lengte van 120 km. Van Ág. Ioánnis in het zuidwesten tot de Akrí Psalídi in het noordoosten is Kos 50 km lang, de langste breedte tussen Kardámena en Mastichári bedraagt 13,5 km, de kortste bij Ág. Stéfanos slechts 1,5 km. Grote delen van het eiland zijn relatief vlak, maar tussen Kardámena en Ág. Fokás strekt zich een imposant berggebied uit, het Díkeos-gebergte met de gelijknamige top (846 m). Naar het noorden toe gaat het gebergte langzaam over in een vruchtbare kustvlakte met brede zandstranden. Ook het zuidwestelijke deel rond Kéfalos is bergachtig, maar hier reikt de Látra slechts tot 426 m.
De kust van Mastichári tot Ág. Fokás is volledig ten prooi gevallen aan het toerisme. Marmári, Tingáki, Lámbi, Kos-stad, Paradísi en Ág. Fokás ontbreken in geen enkele reisbrochure. Kardámena is in handen van een Britse reisorganisatie met alle gevolgen van dien en Kamári aan de Golf van Kéfalou is de nieuwste loot aan de toeristische stam. Het toerisme richt zich vooral op massatoerisme en minder op de individuele bezoeker. De kamermarkt is in het hoogseizoen beperkt, maar in het vroege voorjaar en late najaar aanzienlijk ruimer.
Naast zon, zee en disco biedt Kos voldoende mogelijkheden voor andere activiteiten. Fietsen tussen Kos-stad en de hotels langs de kust is bijzonder populair, maar voor een bergrit is een mountainbike wel een vereiste. Wandelen staat, zoals vrijwel overal in Griekenland, laag aangeschreven. De beklimming van de Díkeos is echter een haalbare uitdaging. Het Asklipío, een medisch centrum avant la lettre, en de verschillende opgravingsterreinen in Kos-stad bevestigen de band met het antieke verleden.

Kárpathos en Kásos
Kárpathos verheft zich als een langgerekte steenkolos tussen Rhodos en Kreta uit de bodem van de zee. Vanaf de boot ziet het eiland er ongenaakbaar uit. Er zijn nauwelijks mensen, dieren of bomen te zien. Eenmaal in Pigádia, de hoofdstad, afgemeerd blijkt het een aantrekkelijk eiland vol woest natuurschoon te zijn dat nog maar enkele jaren geleden als vakantiebestemming werd ontdekt. Het eilandleven speelt zich voornamelijk af in de kleine hoofdstad en de dorpjes tegen de zuidelijke helling van de Kalí Límni. Ammoopí is de bekendste verblijfplaats met eenvoudige hotels en drie mooie stranden. Ook Arkása, Finíki en Lefkós aan de westkust en Diafáni aan de oostkust ontwikkelen zich langzaam tot `resorts'. Buiten deze badplaatsjes zijn er talrijke baaien met prachtige stranden, die echter moeilijk vanaf de weg bereikbaar zijn. In de zomermaanden varen er kleine bootjes vanuit Pigádia en Diafáni naar deze verborgen paradijzen. De wegen in Zuid-Kárpathos zijn goed, maar de weg naar het noorden is een beproeving. Tot de provincie (epárchia) Kárpathos (6400 inw.) behoort ook Kásos. Dit kleine eiland leidt een sluimerend bestaan aan de zuidelijke rand van de archipel. Het beschikt over beperkte accommodatiemogelijkheden en een weinig ontwikkelde infrastructuur. Grote delen van het eiland zijn ontoegankelijk. De veerverbinding met het buureiland Kárpathos is ongunstig, waardoor slechts weinig toeristen de oversteek maken.

Kálimnos en omliggende eilanden
De provincie Kálimnos (28.500 inw.) omvat de eilanden Kálimnos met Télendos en Psérimos, Léros, Pátmos, Astipálea en de Lipsí-archipel (Lipsí, Arkí en Agathónisi). De eilanden hebben als `nadeel' dat de grote chartervliegtuigen er niet rechtstreeks op vliegen. Een vakantie naar Kálimnos, Léros of Pátmos is altijd inclusief een bootreis vanaf Kos of Sámos. De kleinere eilanden liggen vrij geďsoleerd; de grote veerboten doen slechts eenmaal per week de havens aan, in het hoogseizoen wordt de frequentie iets verhoogd. Deze beperkte verbindingen maken de noordelijke eilandengroep van de Dodekanesos tot een relatief rustig vakantiegebied, zeker in vergelijking met het overaanbod op Rhodos en Kos. Het bergachtige Kálimnos staat nog steeds bekend als het sponzeneiland, ondanks het feit dat de sponsvisserij door de opkomst van de kunstmatige spons en een geheimzinnige sponsziekte te gronde is gegaan. Léros draagt ten onrechte het stempel van `gekkeneiland'. Wie rondreist merkt er nauwelijks iets van dat hier instellingen voor verstandelijk gehandicapten zitten. Pátmos is het eiland van de Apocalyps. De aanwezigheid van het Johannesklooster is over het hele eiland duidelijk zichtbaar en voelbaar. Het verre Astipálea is het stiefkind van de Dodekanesos. Het beleefde als Stampalia zijn eigen geschiedenis, terwijl de andere eilanden deel uitmaakten van het rijk der johannieters. Lipsí heeft een paar mooie stranden en een rustig eilandleven. De overige eilanden van de Lipsí-archipel liggen verloren tussen Pátmos en Sámos.
 

Landschildpadden als metgezel

Wandelen, de Grieken hebben er een broertje dood aan. Wie zich te voet van dorp tot dorp beweegt en daarbij nog de indruk wekt dat leuk te vinden, wordt rneewarig bekeken. Wie het zich enigszins kan permitteren verplaatst zich per auto of desnoods per motor, scooter of brommer. Voor de ouderen en scholieren rijden de bussen en anders is er nog altijd een taxi. Lopen, dat is voor de armen.

`En waar kan je zoal wandelen op Ródos?' De mevrouw van het VVV-kantoor pakt een brochure en slaat deze open bij de kaart van het eiland. 'Hier hier, hier en hier,' zegt ze, terwijl ze vier dikke rode strepen over de kaart trekt. In al mijn onbevangenheid vraag ik nog of het soms gemarkeerde wandelingen zijn. 'Nee,' zegt ze, 'daarvoor moet u een boekje kopen.' Terug in Nederland kom ik erachter dat ze met het boekje Landscapes of Rhodes bedoelde, dat overigens niet op het eiland verkrijgbaar was.

Massaal toerisme
rodos3.jpg (9849 bytes)Ródos is het bekendste en drukst bezochte eiland van de Dodekánisos. De honderd- duizenden toeristen die jaarlijks op het eiland van de zonnegod Helios neerstijken, komen voornamelijk voor strand, zon en zee. 's Avonds lopen de tavernes, bars en discotheken vol en tot diep in de nacht gaat het vertier door. Overdag wordt het eiland per huurauto of scooter verkend. En masse volgen ze de kustroute waarbij trouw de bezienswaardigheden worden bezocht. Daar- toe behoren de drie antieke steden Ialíssos, Líndos en Kamíros. In 408 v. Chr. besloten de politieke leiders van deze drie stadstaten tot de bouw van een nieuwe stad op de noordpunt van het eiland: Ródos-stad.
Wat bezielt een vakantieganger om naar dit eiland af te reizen en de wandelschoenen mee te nemen? Goede (wandel)kaarten ontbreken en op het eerder genoemde boekje uit de Sunfiower-reeks na, zijn er ook geen wandelgidsen. Het ontbreken van gemarkeerde wandelpaden, bewegwijzering of goede topografische kaarten - de plaatselijke kaarten geven een aardig overzicht van de wandelmogelijkheden - hoeft voor de avontuurlijk ingestelde wandelaar geen probleem te zijn. Veel wegen zijn onverhard en ook op het drukke Ródos nog zeer rustig. Lastiger zijn de vele monopátia, de ecuwenoude ezelpaden die steeds meer in onbruik raken en vaak doodlopen in een dicht, ondoordringbaar struikgewas. Toch biedt Ródos de wandelaar voldoende mogelijkheden.

Pijnbossen
De Italianen, die van 1912 tot 1943 de eilandengroep in hun bezit hadden, beschouwden de Dodecanesus als een opstap naar de verwezenlijking van hun Mare Nostrumdroom: het herstel van het Romeinse imperium rond de Middellandse Zee. Ze namen hun taak als kolonisator serieus en voerden, naast archeologische opgravingen, enkele grote herbebossingsprojecten uit. Het noordelijk deel van het eiland bestaat voor een groot deel uit heuvels die bedekt zijn met pijnbomen. Ten westen van Eleoúsa, een klein onmiskenbaar Italiaans stadje, strekt zich een dicht dennenbos uit. Twee grote hotels, Elafos-Elafina (hert en hinde) - zo genoemd naar de twee standbeelden die de Mandraki-haven bewaken - aan de voet van de 900 meter hoge Profítis Ilías, roepen de sfeer van de Alpen op. Helaas zijn de beide hotels al enkele jaren gesloten. In deze streek lopen tal van kleine paden over de heuvels.

Zeus
rodos2.jpg (5822 bytes)De Attáviros, de hoogste berg van Ródos, meet 1275 meter. De grijze top steekt dreigend boven de groene gorden van pijnbomen en druivenvelden uit. Vanuit Ágios Isídoros, een klein vriendelijk dorpje tegen de zuidoosthelling, loopt een bergpad naar de top, waar zich enige overblijfselen van een Zeus-tempel moeten bevinden. Op de kaart staat het pad als een rechte lijn aangegeven, maar de praktijk leert dat het pad heel wat hindernissen kent. Top of geen top, het landschap rond de Attáviros nodigt uit tot lange, avontuurlijke wandelingen. Dit zuidelijke deel van Ródos vormt met zijn kleine, bijna verlaten bergdorpen en smalle, ongeasfalteerde wegen een aardige tegenstelling met de rest van het eiland. Het is rijk aan overblijfselen van vroeg-christelijke basilieken en l4de-I5de-eeuwse Byzantijnse kerkjes, oude kloosters en burchten. De johannieters hebben nooit goed vat kunnen krijgen op dit deel van Ródos.

Johannieters
In 1306 kregen de johannieters, een militair-geestelijke orde die zich toelegde op de verpleging van pelgrims en de verdediging van het Heilige Land, de Dodekánisos in bezit. Meer dan twee eeuwen hielden deze vechtlustige ridders stand tegen de Turken. Ze bouwden op de eilanden rond Ródos hun burchten en maakten Ródosstad tot hun religieus centrum. Op de vroege ochtend van 1januari 1523 voer het vlaggenschip van de johannieters de Mandrakihaven uit met aan boord de verslagen ridders. Ródos was gevallen na een langdurig beleg door de Turken en de sultan bood de heldhaftige ridders een vrijgeleide. Wat de ridders achterlieten was een versterkte stad met de karakteristieke herbergen langs de Ridderstraat, waar de verschillende 'tongen', de ridders waren naar landstaal ingedeeld, hun eigen onderkomens hadden. De middeleeuwse stad werd overgoten met een Turks tintje: moskeeën, minaretten en badhuizen. Ze staan er nog steeds, dichtgetimmerd en vervallen. Wie de voortschuifelende massa langs de hoofdstraten ontsnapt. dwaalt door een schitterende, deels verwaarloosde stad met smalle straten, kleine winkels en onverwachte pleinen.

Het andere Kós
rodos1.jpg (9325 bytes)Kós biedt meer dan een kust vol betonnen hotels. Wie 's morgens in alle vroegte een van de schaarse bussen naar het binnenland neemt, ziet een ander eiland. Het landschap is minder spectaculair dan de woeste bergen op Kreta en ook het Asklipío, het medisch centrum van de antieke wereld, steekt wat karig af bij toppers als Olympia of Delfi. Maar ook Kós heeft een bergketen, die zich als een groene plooi over het eiland uitstrekt.' het Dikéos- gebergte.
Ziá is een klein, vriendelijk bergdorpje op de noordoostflank van het Dikéos-gebergte. In de vroege ochtend vegen de winkeliers hun stoepen, ordenen hun potten honing en kruidenzakjes - de plaatselijke specialiteiten - en wachten gelaten op de komst van de toeristen.
Het dorp vormt een uitstekend uitgangspunt voor wandelingen in het achterliggende gebergte en voor de beklimming van de Dikéos, de 646 meter hoge top. Het eerste deel van de beklimming voert over een breed pad dat weinig problemen oplevert. Je wandelt tussen de olijfgaarden en langs kleine omheinde velden. Na ongeveer drie kwartier lopen wijst een kleine rode driehoek, een mini-uitvoering van de Zwitserse vlag, naar een smal bergpad. Vanaf dit punt begint de eigenlijke beklimming. De enige medewandelaars zijn enkele landschildpadden, die zich met veel geritsel een weg banen over de stenige bodem. De laatste 300 meter naar de kleine 1l-de eeuwse Christos Díkeos-kapel, die net onder de top ligt, gaat over een smal, stenig en steil bergpad. Maar het uitzicht vandaar beloont alle inspanning en stilt zowel honger als dorst.

Schapenkop
De lage bergen en de mooie baaien van het Kéfalos-schiereiland, dat door zijn opvallende vorm de bijnaam 'schapenkop' kreeg, lonken naar de wandelaar. De bus legt de afstand tussen Kós-stad en Kéfalos, het 'honingdorp', binnen een uur af. Dit deel van het eiland is recentelijk ontdekt door hotel-exploitanten. Langzaam maar zeker wordt hier de kust volgebouwd met hotels, pensions en tavernes. Niet ver van Kéfalos lag de antieke hoofdstad Astipálea. Een smal paadje leidt naar een aantal half afgebrokkelde muren en een kleine halfronde nis, de apsis van een kerkje. Maar ook dit godshuis dat de Byzantijnen op de fundamenten van de Dionysus-tempel bouwden, heeft de tand des tijds niet doorstaan. De asfaltweg eindigt bij het rustieke Johannesklooster, dat op 29 augustus, de dag waarop de profeet werd onthoofd, tot leven komt. Onder de machtige plataan zetten de bedevaartgangers zich na langdurige plechtig- heden aan een maaltijd. Hoog boven het klooster torent de Látra uit, waar het leger en de telecommunicatie broederlijk de top delen.
Van de Doper naar de Evangelist is het een flinke wandeling door het kale landschap van de westkust. Een steil zandpad loopt heuvelafwaarts richting zee. Plotseling staat de wandelaar voor een heus hek met een bordje 'cow farm'. Magere koeien grazen wat op de uitgedroogde weiden of zoeken beschutting in de open koeienstal. Langs de kust gaat het nu noordwaarts. Het pad slingert zich door de lage macchia, waartussen de indringende geur van tijm hangt. Al in de antieke wereld was Kós bekend om zijn geurende tijmhoning. Het kapelletje van Ágios Ioannis Theologos, Johannes de Evangelist, is niet bijzonder. Verspreid over het eiland liggen er honderden van dit soort kleine kerkjes en kapellen, die vaak particulier bezit zijn. Maar wat zich achter de deur bevindt - jammer genoeg worden steeds meer kerken afgesloten - is altijd weer een verrassing. Eenvoudige losse iconen, soms extra versierd met zilverbeslag, worden afgewisseld door rijk bewerkte icoonwanden, maar nooit ontbreekt in de hoek van de kapel een batterij olieflessen, schoonmaak- middelen, kaarsen en lucifers.

Rust en ruimte
En wie genoeg heeft van de mensenmassa's op Kós en Ródos kan de sprong wagen naar Nisíros of Tílos. Het zijn twee vrijwel ongerepte eilandjes, waar rust en ruimte nog de hoofdingrediënten vormen. De grote veerboten op weg van en naar Piraeus leggen enkele malen per week aan in de haven van Mandráki of Livádia. De vulkaan, die in 1873 voor de laatste maal uitbrak, bepaalt het landschap op Nisíros. Een wandeltocht over de kraterrand brengt je langs kleine kloosters, bijna-verlaten dorpjes en uiteindelijk in de krater zelf. Met een indringende geur van zwavel en dikke stoomwolken maakt de reus Polibotes zijn aanwezigheid in zijn onderaardse gevangenis kenbaar. Tílos is verre van een eilandparadijs. Het is kaal en bergachtig, maar juist daarom zo aantrekkelijk voor een verblijf in een van de kleine pensions van Livádia. Met de handgetekende kaart van The Friends of the Tílos Association - Tílos kent een kleine groep vaste bezoekers - zijn wandelingen naar baaien, kloosters en burchten te maken..

Griekenland in Nederland

Grieks Verkeersbureau in Nederland: Kerkstraat 61, 1017 GC Amsterdam, tel. 020 625 4212, informatielijn, tel. 0900 202 5905, gnot@planet.nl.
Olympic Airways in Nederland:1118 WTC Schiphol, Tower B, 7º, Schipholboulevard 223, BH Schiphol Airportinlichtingen 020 7215, tel. reserveringen 020 405 7220. In België: Louizalaan 138a, 1050 Brussel, tel. 02 649 8158.
Boekhandel Het Griekse Eiland, Westerstraat 96, 1015 MN Amsterdam, tel. 020 626 85 09, fax 020 622 03 19, www.griekse-eiland.nl , info@griekse-eiland.nl. De boekhandel heeft een uitgebreid assortiment boeken over Griekenland en Griekse muziek. Openingstijden: ma-vr 12-18 uur, za 11-17 uur. Per 1 juli a.s. ma gesloten. Het Griekse Eiland geeft regelmatig een Nieuwsbrief uit.
Wegwijzer Reisinfo, Beenhouwerstraat 24, 8000 Brugge, tel. 050 337 588.

Odyssee’s aanraders

Verrassende steden
Middeleeuwse stad van Rhodos-stad (sfeervol)
Chóra op Pátmos (met naar men zegt 365 kerken)
Nikiá op Nísiros (het `einde der wereld')
Ólimbos op Kárpathos (traditioneel bergdorp)
Póthia op Kálimnos (authentieke Griekse stad)
Lakkí op Léros (Italiaanse architectuur)
Mikró Chorió op Léros (spookdorp)
Emboriós op Chálki (bij aankomst met veerboot)

Fraaie kastelen en burchten
Grootmeesterspaleis in Rhodos-stad
Burcht bij Kamíros Skála op Rhodos
Andimáchia-burcht op Kos
Burcht bij Plátanos op Léros
Ridderkasteel in Kos-stad

Kloosters en kerken
Moní Thári op Kos
Johannesklooster op Pátmos
Moní Evangelismoú op Pátmos
Moní Panagía Tsambíka op Rhodos

Bijzonder
Vulkaan op Nísiros (avontuurlijk)
Stadsmuren van Rhodos-stad (imposant)
Díkéos-top op Kos (bergwandeling)
Thérmes Kalithéa op Rhodos (kuuroord)
Platís Gialós-strand op Lipsí (droomstrand)
Geranós-schiereiland op Pátmos (imposant)
Kéfalos-schiereiland (wandelen)
Expositie `Rhodos 2400 jaar' in Rhodos-stad (boeiend museum)
Kustweg van Pigádia naar Ólimbos op Kárpathos (avontuurlijk; niet-ongevaarlijk)



Dodecanes, Island of
Rhodos startpagina

Veerverbindinge/n Italië-Griekenland en binnen Griekenland

Wandelen

Aktiva Tours
Anders Reizen
Baby Boom Bicycling and Walking Korfoe, Kreta
De Wandelwaaier
Djoser
Flex Travel Kreta
SNP Natuurreizen
Sawadee Reizen
Sindbad Reizen
Stap Reizen Lefkas, Korfoe, Kefallonia, Peloponnesos, Kreta Karpathos en Samos
TOPO-Aktief
Te Voet Kreta, Samos
Thema Tours Korfoe, Kreta

Fietsen
Baby Boom Bicycling and Walking Zakynthos, Korfoe, Rodos
Fietsvakantiewinkel
SNP Natuurreizen
Sindbad Reizen Ionische eilanden


Tips van reizigers

N.a.v een fiets- en kampeervakantie 26-4 t/m/ 11-05 2001 op Rhodos, Kos en Kalimnos

Rhodos
De enige camping op Rhodos (Faliraki) gaat vermoedelijk in 2002 dicht. Op dit moment wordt een gigantisch 3-hoog appartementencomplex op het kampeerterrein gebouwd, dat volgens de eigenaar volgend jaar operationeel moet zijn. Dat gaat ongetwijfeld lukken. Daarmee zal dan de enige (en laatste) kampeerfaciliteit op Rhodos verleden tijd zijn.

De weg naar Glifada Beach is inmiddels geheel geasfalteerd. Paradise Beach mag dan een onooglijk strand zijn, de uitspanning met dezelfde naam is uitstekend van bediening en van kwaliteit van de maaltijd.

Petoulades moet nu wel echt de best beveiligde wandelroute zijn, vermoedelijk van heel Europa: behalve de (inmiddels niet meer glimmende) brandkranen wordt de wandelaar nu ook middels een gesloten tv-circuit in de gaten gehouden op plaatsen waar trappen zijn.

Hoewel Embonas in het begin van het dorp wat toeristenwinkels heeft, is het "ten prooi gevallen aan het toerisme " wel erg sterk uitgedrukt. In elk geval in het voorseizoen is het 's avonds nog echt een Grieks dorp.

Een zeer charmante logiesmogelijkheid biedt het (nog?) zeer authentieke familiehotel Vournas op de T-sprong van het dorp Kalavarda met de kustweg van Skala Kamiros naar Rhodos stad. (Inmiddels al ontdekt door Cycletours fietsers, wat overigens geen beletsel is voor andere bezoekers). Aardig zandstrand en goede busverbindingen met het gehele eiland.

Kos
De term voor Psalidi "wellicht de mooiste camping van Griekenland" geeft de realiteit absoluut niet meer weer. Afgezien nog van de drukke weg, die de camping scheidt van het kiezelstrand en die de benaming "mooiste" beslist geweld aandoet, maakte de (nog gesloten) camping een zeer vervallen indruk, verveloos met overal hoog opschietend onkruid. De eigenares die inmiddels het gloednieuwe appartementenhotel ernaast uitbaat vertelde, dat de camping vermoedelijk niet meer open gaat, omdat ze niet aan personeel kon komen. Dat zou ook gelden voor haar collega campingbaas op Rhodos. Ze hoopte er nog het beste van, maar gezien het nieuwe complex, niet meer zo fanatiek. Daarmee bestaat ook deze op Kos enige kampeerfacilteit vermoedelijk dit jaar al niet meer. De camping zou officieel per 15 mei 2001 opengaan.

P. Oude Vrielink